Vrede en alle goeds!

Waarom worden de zusters Clarissen ook wel eens Clarissen-Coletienen genoemd? Omdat de H. Coleta heel wat Clarissenkloosters hervormd heeft, dat wil zeggen: geholpen heeft weer te leven naar de regel van de H. Clara. Hier kan je de levensbeschrijving lezen van de H. Coleta. Zij wordt vooral in het Clarissenklooster van Gent geëerd omdat zij daar overleden is. En zij wordt bijzonder aanroepen door jonggehuwden die bidden om kinderzegen en door ouders die een kindje verwachten. De mantel van de H. Coleta wordt rond haar feestdag op 6 maart opgelegd aan moeders in blijde verwachting en vrouwen die ernaar verlangen zwanger te worden.

 

Korte Levensbeschrijving
van de H. Coleta van Corbie

 

 

 


Het geestelijke erfgoed van Clara blijkt in de loop van de latere eeuwen een steeds opnieuw klinkende oproep terug te keren naar het begin: de zusterlijke en broederlijke verbondenheid, het waagstuk om met lege en open handen te gaan in het voetspoor van de arme Gekruisigde.


Aan de heilige Coleta komt de eer toe de levensvorm van Clara een come-back te bezorgen in de Orde. Zij leefde van 1381 tot 1447, dus bijna twee eeuwen na Clara. Clara’s Orde heeft dan al veel meegemaakt, meebewegend op de golven van Kerk en samenleving. Na een aanvankelijke sterke groei, vooral in de verstedelijkte Europese gebieden rond de Middellandse Zee en in de noordelijker gelegen handelscentra, treedt stagnatie en neergang op. De crises die Europa teisteren, eisen hun tol: de pestepidemie, de 100-jarige oorlog, de Babylonische ballingschap en het Westers schisma maken de geesten rijp voor de ‘Observantie’.


Observantie betekent: het onderhouden van de voorschriften van de regel. Dit lijkt te gaan over een radicaal waarmaken van de levenskeuze, maar hangt in feite meer samen met een veranderende theologische wereldbeschouwing. Observantie en nominalisme* gaan hand in hand. Wij weten niet wie God is; van God weten wij alleen wat Hijzelf ons geopenbaard heeft in de H. Schrift. En onze Ordesstichter(-es) openbaart ons Gods wil over ons leven in de regel. Zo wordt de regel van levensvorm voor een levenshouding tot wetboek met ge- en verboden.


In deze Observantie moeten we Coleta plaatsen. Na een aantal mislukte pogingen zich bij een bestaande religieuze gemeenschap aan te sluiten, wordt zij in 1402 lid van de Derde Orde van Franciscus en gaat zij als recluse leven in een kleine kluis tegen de kerk van Corbië. Daar ontdekt zij haar roeping de franciscaanse Orde te hervormen en in 1406 krijgt zij daarvoor toestemming van de paus te Avignon, Benedictus XIII. Dan trekt zij als de ‘Theresia van het Noorden’ 40 jaar rond door Frankrijk en de Nederlanden om kloosters te hervormen en nieuw te stichten. Zij grijpt daarvoor terug op de levensvorm van Clara zelf, bij de tijd gebracht door Constituties die Coleta zelf geschreven heeft. De zusters die haar volgen, heten Clarissen-Coletinen.


Er is ook een groep Minderbroeders die zich bij haar aansloot: de Coletanen. Coleta wilde geen afsplitsing veroorzaken; ook al leefden deze broeders observant, zij sloten zich niet aan bij de georganiseerde Observantie maar bleven trouw aan de bestaande leiding van de Orde.


Wie was dat kleine vrouwtje Coleta dan wel?

Blootsvoets en in een habijt van kleine aan elkaar genaaide stukjes stof komt ze de clarissen vertellen dat zij een strenger leven moeten gaan leiden.

De jonge vrouw die in 1406 aan haar kruistocht begint ter hervorming van de clarissenkloosters, wil alleen maar de originele regel en intenties van hun stichteres Clara herstellen. En het is zeker niet haar eigen idee de vernederingen, de scheldpartijen en beschuldigingen van hekserij over zich af te roepen.

Coleta, die geboren wordt in 1381, is de dochter van de timmerman van de benedictijnerabdij van Corbie. Al jong acht de diepvrome Coleta de nederigheid haar grootste deugd. Zij trekt zich dan ook zoveel mogelijk terug om in gebed haar Heer te leren kennen. Coleta is zeventien wanneer haar ouders overlijden. Het is in datzelfde jaar dat de koning van Frankrijk zijn onderdanen ontslaat van hun gehoorzaamheid aan de koppige tegenpaus Benedictus XIII, die in Avignon zetel houdt en alle pogingen tot verzoening met Rome torpedeert.

De teruggetrokken Coleta doet wat geheel in de lijn der verwachtingen ligt: ze meldt zich aan bij de begijnen. Maar tot haar grote teleurstelling vindt ze er geen antwoord op haar diepe hunkering naar God. Dat antwoord vindt ze ook niet bij de benedictinessen waar ze het een tijdje probeert, en ook niet bij de urbanisten (of rijke claren). Ze wordt lid van de derde orde van de franciscanen. En wanneer haar biechtvader en abt van de Corbie-abdij haar een cel naast het klooster aanbiedt, grijpt ze die kans met beide handen aan. Drie jaar leeft ze in totale afzondering met slechts een getraliede opening naar de kerk.

Dan krijgt Coleta in een visioen van Franciscus van Assisi - en sommige bronnen zeggen ook van Clara van Assisi - de opdracht de clarissenkloosters weer terug in het gareel te brengen. Coleta voelt zich hiervoor verre van capabel, laat staan een dergelijke opdracht waardig. Haar twijfel moet ze bekopen met drie dagen blindheid, gevolgd door drie dagen stomheid. Dit zijn voldoende hemelse tekenen om Coleta uit haar cel te krijgen, en met de zegen van abt Beaume op pad te gaan.

Bij de twee kloosters waar ze aanklopt, wordt ze vierkant uitgelachen. Wie denkt ze wel dat ze is! Coleta beseft dat ze meer gezag achter zich moet hebben. Intussen heeft Bendictus XIII in 1403 weer zijn vrijheid van handelen teruggekregen van de Franse koning, en Coleta vraagt de (tegen)paus om hulp. Hij is zo onder de indruk van de kleine maar dappere Coleta dat hij haar alle mogelijke autoriteit geeft te handelen zoals zij nodig acht. Hij profest haar als claris en benoemt haar voor het gemak tot abdis van alle door haar te hervormen kloosters.

Opnieuw gaat Coleta op pad, en opnieuw ontmoet ze tegenstand en vernedering. Maar de beschimpingen ontvangt ze met vreugde en nooit geeft ze de moed op. Uiteindelijk vinden haar woorden gehoor en in 1410 zal het klooster van de clarissen te Besançon als eerste de hervorming, terug naar een strenger leven, doorvoeren. De aarde is nu blijkbaar rijp, want niet alleen sticht ze zeventien nieuwe kloosters, de hervorming wordt ook aangenomen in andere delen van Frankrijk, Vlaanderen en Spanje.

Coleta houdt haar zusters voortdurend voor hun eigen wil in alles te ontkennen en, zoals Christus, van hun eerste tot laatste adem Gods wil te zoeken. Op de vrijdagen gaan Coleta’s gedachten, gebeden en hart alleen uit naar Christus' lijden. Overmand door verdriet, stromen de tranen dan langs haar bleke gezicht. Maar wanneer zij in aanbidding voor het H. Sacrament is, lijkt ze haast een hemels licht uit te stralen.

In het klooster te Gent zal Coleta op 6 maart 1447 haar laatste adem uitblazen. Ze is dan 67. Coleta wordt in 1740 zalig en in 1807 heilig verklaard.